| De kleine watersalamander (Lissotriton vulgaris) is de meest algemene salamander in Nederland. De soort komt nog veelvuldig voor in sloten en poelen, mits deze maar niet al te veel vis bevatten. Hij stelt weinig eisen aan zijn biotoop. Hij komt zowel voor in stadstuinen als in kleinschalige cultuurlandschappen en bos- en heidegebieden. Het voortplantingsbiotoop bestaat uit allerlei soorten ondiep stilstaand en zwak stromend water die niet al te groot of beschaduwd zijn en wat onderwatervegetatie bevatten. De paartijd loopt vanaf eind maart tot juni, waarbij de piek in april en begin mei ligt. Het vrouwtje legt 100 tot 350 eieren die ze stuk voor stuk afzet aan waterplanten.
Kenmerken van de kleine watersalamander:
rug leemkleurig tot donker grijsbruin
relatief smalle kop
rugkam mannetje gegolfd en doorlopend in staartkam
mannetje: buik lichtgeel / oranjegeel met ronde zwarte vlekken
vrouwtje: buik lichtgeel met langwerpige, oranje streep
staart van het mannetje heeft in het water aan onderzijde een oranjerode en blauwe zoom
tot ca. 11 cm lang
|
 |
Uitgebreide informatie en verspreidingskaartje (RAVON website) |
 |
Meer foto's van kleine watersalamanders (RAVON website) |
|